

Sw'ete tichi, sw'atyja slawy b'ersm'ertnago Ottsa neb'esnago,
sw'atago blazenago, I-isuse Christ'e. prisedse na zapad solntsa,
widewse sw'et w'ecerni, pojem Otsa Syna i Sw'atago Ducha Boga.
Dostoin jesi wo ws'a wr'emena p'et byti glasi peepodobnymi.
Syn'e Bok Ziwot dajaj, femZe mir T'a slawit
Zacht licht van de heilige glorie van de onsterfelijke hemelse Vader,
heilig en gelukzalig, Jezus Christus.
Genaderd tot de ondergang van de zon, aanschouwend het avondlicht,
bezingen wij de Vader, de Zoon en de Heilige Geest, God.
Waardig zijt gij ten allen tijde bezongen to worden door reine lippen.
Zoon Gods, die leven geeft, daarom roemt de wereld U.